Akorda Onderwijsdienstverlening
Akorda Onderwijsdienstverlening
In de afgelopen jaren werd aangenomen dat de Wet openbaarheid bestuur (hierna: Wob) ook van toepassing zou zijn op openbaar en bijzonder onderwijs. In voorkomende gevallen werd aan besturen geadviseerd om medewerking te verlenen aan een verzoek om inzage met betrekking tot documenten, verslagen, notulen, brieven aan iedereen die daartoe een verzoek in het kader van de Wob had ingediend.

De Raad van State heeft in een reeks van uitspraken beperkingen aangebracht ter zake van deze informatieplicht.

De casus: een schoolbestuur heeft een conflict met een ouderpaar over de maatregel die de school heeft getroffen tegen hun zoon. Laatstgenoemde heeft zich in de klas misdragen en kreeg om die reden een time out.
In reactie daarop hebben de ouders tal van juridische procedures opgestart en hebben ze uiteindelijk enige honderden vragen toegezonden aan het schoolbestuur met daarbij een beroep op de Wob. De opgevraagde gegevens betroffen zeer uiteenlopende documenten zoals jaarrekeningen over tal van jaren, specifieke facturen van bijvoorbeeld de schoolbegeleidingsdienst van jaren geleden tot notulen van de bestuursvergaderingen, beleidsadviezen en diverse andere documenten.
Het beantwoorden van deze enorme hoeveelheid Wob verzoeken kostte heel erg veel tijd (en dus geld). Hetzelfde geldt ook voor de juridische procedures die het schoolbestuur tegen deze ouders heeft moeten voeren.

Aanvankelijk heeft de Rechtbank besloten dat het schoolbestuur verplicht is om daadwerkelijk alle gevraagde informatie te verstrekken aan deze ouders.
De Raad van State heeft in de verschillende zaken die in deze casus aanhangig zijn een ander standpunt betrokken.

Samengevat stelt de Raad van State dat de Wob uitsluitend betrekking heeft op een bestuursorgaan als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht. Een privaatrechtelijke rechtspersoon zoals een openbare stichting kan echter ook een bestuursorgaan zijn in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Dit is het geval als aan het bestuur een zogenaamde publiekrechtelijke bevoegdheid is toegekend (zoals door middel van een wettelijk voorschrift) waarbij het bestuur bevoegd is tot het eenzijdig bepalen van de rechtspositie van andere rechtssubjecten.

Hoewel veel besluiten van een schoolbestuur voortvloeien uit de wet, hebben zij slechts zelden de strekking om eenzijdig de rechtspositie van andere rechtssubjecten te bepalen. Als dat wel het geval is dan handelen zij op basis van een publiekrechtelijke bevoegdheid zodat op deze bevoegdheid de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is en dus ook de Wob.

Veel besluiten die door een schoolbestuur worden genomen hebben echter betrekking op feitelijk handelen, handelen volgens privaatrecht of het uitvoeren van wettelijke voorschriften die niet de strekking hebben om eenzijdig de rechtspositie van andere rechtssubjecten te bepalen. De Wob is dan niet van toepassing. Voorbeelden van besluiten waarop de Wob niet van toepassing is zijn: de klachtenregeling, het managementstatuut, meldingen over misstanden, jaarverslagen, jaarrekeningen, begrotingen, goedkeuring van stukken, bekendmaking van stukken en benoemingsbesluiten, volmachten, statuten, overdrachtsakten van gebouwen en schoolterreinen, toestemming van een Gemeenschappelijk Overlegorgaan, verslagen van de bestuursvergaderingen, besluitenlijsten, vergaderstukken en achterliggende stukken, instemmingsverklaringen van de medezeggenschapsraden met betrekking tot de schoolgids, het besluit ter zake van een voorlopige voorziening (bruidsschatregeling) en vergelijkbare besluiten.